Getorste zuilen - Creatief Houtdraaiwerk

Ga naar de inhoud

Hoofdmenu:

Getorste zuilen

Artikelen > Woodturning

Verslag van een draaiopdracht (1993)

Van een timmerbedrijf kreeg ik een opdracht voor het vervaardigen van  6 getorste eikenhouten zuilen, 1500 mm. lang met een diameter van 80 mm. Het was de uitdaging die me deed beslissen om deze klus aan te nemen, maar ik had wel een aantal problemen die ik  hiervoor te tackelen had, nl:

  • Mijn draaibank was te kort. Ik kon maximaal 1000 mm. tussen de centers draaien.

  • Bij deze lengte zou waarschijnlijk een draaibril nodig zijn, en deze had ik geen.

  • Aangezien torsen voornamelijk handwerk is wat nogal wat tijd vraagt, wou ik een constructie ontwerpen waarmee ik deze zuilen, in ieder geval voor een groot gedeelte, zou kunnen frezen.

  • Gebrek aan ervaring met het maken van torsen.

Om met het laatste probleem te beginnen, mijn ervaringen met torswerk beperkte zich tot een stoelpoot welke ik onlangs had nagemaakt.
Het draaien op zich was geen probleem, maar torsen had ik nog nooit gedaan. Ik ben een selfmade draaier en heb het draaien voornamelijk uit boeken geleerd. Om mijn kennis te vergroten, had ik me ongeveer een jaar hiervoor  een set video-instructiebanden aangeschaft van Dennis White. Op een van deze banden wordt het torsen duidelijk en vakkundig uitgelegd. Hierdoor was ik in staat om die stoelpoot te kunnen maken en het resultaat mocht gezien worden. De opdrachtgever was ook zeer tevreden. Mede aan de hand van dit resultaat, heb ik deze opdracht gekregen. Een timmerbedrijf welke bezig was met een interieurbetimmering van een bar, was op zoek naar decoratie hiervoor, zag deze stoelpoot en vond dit torswerk wel geschikt hiervoor. Zij hadden het idee om in de lengte doorgezaagde getorste zuilen te gebruiken als decoratie op een grote barkast. Deze zuilen moesten dus helemaal getorst worden zonder verder draaiwerk ter versiering.

Probleem 1: Verlengen van de draaibank.

Het bed van mijn draaibank bestaat uit stalen kokerprofiel van 70 x 40 mm. Met houten balkjes van dezelfde afmetingen heb ik het bed verlengd tot de vereiste lengte. Door deze constructie was het niet mogelijk om de leunspaan over de gehele lengte te verschuiven, zodat ik eerst een helft moest draaien waarna de zuil omgedraaid  werd om de andere helft te kunnen draaien.

Probleem 2: De draaibril.

Voor dergelijke lengtes heb je in principe een draaibril nodig. Daar ik deze geen bezat, zou ik er eerst een moeten maken. Hoewel ik hiervan uit was gegaan, bleek dit toch niet echt noodzakelijk te zijn. Met lichte afname, ook in het midden van de zuil, bleef het verwachte vibreren van het hout binnen de perken. Aangezien deze zuilen nog een intensieve bewerking kregen, waren kleine oneffenheden geen bezwaar.

Voor het draaien heb ik uitsluitend de schrobguts gebruikt en vervolgens de zuilen even geschuurd met een in de handboormachine geplaatste schuurpad met korrel 60 papier. Onder het draaien was het wel noodzakelijk om de losse kop met houten balkjes tussen de werkplaatsmuren op te spannen. Door onbalans van het hout bewoog deze anders hevig op en neer.

Probleem 3: Construeren freesconstructie.

Draaien was het gemakkelijkste gedeelte, maar nu moesten ze ook nog getorst worden. Bij de aanname van deze opdracht was ik er vanuit gegaan dat ik dit met de hand zou moeten doen.  Aangezien het torsen van 6 zuilen van 1500 mm. een nogal tijdrovende en arbeidsintensieve klus is, ben ik me eens gaan verdiepen in de constructie en principe van apparaten welke hiervoor in de handel zijn.

Ik had dergelijke apparaten wel eens gezien, maar deze zijn nogal prijzig en niet groot genoeg voor deze klus. Bij nadere bestudering bleek dat het principe van deze apparaten niet zo moeilijk is en na enig schets- en tekenwerk had ik een constructie bedacht welke niet zo moeilijk te maken was op de draaibank. Het kon een eenvoudige constructie worden, daar deze in principe slechts voor eenmalig gebruik zou zijn.

Wat is hier nou voor nodig?

Ten eerste, een constructie waarover een bovenfrees over op en neer kon glijden. Aangezien dit apparaat slechts voor eenmalig gebruik zou zijn, heb ik hiervoor goedkoop plaatmateriaal gebruikt. De bovenfrees wordt voortbewogen middels een dunne staalkabel welke via wieltjes, over de slede en onder de draaibank door, wordt rondgeleid. Gelijktijdig met het voortbewegen van de bovenfrees dient echter ook het werkstuk te roteren. Om dit te bereiken heb ik de aandrijfpoulie vervangen door een rol, waar de staalkabel omheen wordt gewikkeld.

De staalkabel loopt dan als volgt:

Vanaf de bovenfrees gaat deze over een wieltje op het uiteinde van de slede naar beneden via een tweede wieltje onder de draaibank door naar het derde wieltje, vervolgens weer omhoog en om de rol gewikkeld via het vierde wieltje op het andere uiteinde van de slede weer terug naar de bovenfrees. Naast de rol had ik een handwiel op de spil  bevestigt. Bij het draaien aan dit handwiel werd de ingespannen zuil rondgedraaid waarbij dan gelijktijdig de bovenfrees voortbewogen werd. De rol waar de staalkabel omheen is gewikkeld bepaald, afhankelijk van zijn diameter, hoeveel de bovenfrees verplaatst wordt t.o.v. de roterende beweging. Deze verplaatsing van de tors, is de "spoed". Bij het maken van torsen, moet men dus allereerst vaststellen hoe groot deze spoed moet zijn. De "spoed", is de - hart op hart - afstand van de spiraal bij een volledige rotatie en ligt tussen een tot twee maal de diameter van de zuil. Bij deze zuilen heb ik aangehouden, anderhalf maal de diameter van de zuil. Anderhalf maal de diameter van de zuil is dus gelijk aan de omtrek van de rol.

Het berekenen van de diameter van de rol gaat als volgt:

De diameter van de zuilen was 80 mm.
De "spoed" is dan 1.5 x 80 mm. = 120 mm.
De omtrek van de rol is dus ook 120 mm.
Voor het berekenen van de omtrek van een cirkel gebruikt men de volgende formule: (pi) 3,14 x diameter.
De omtrek is bekend, dus luidt de formule nu: diameter = omtrek : 3,14.
De diameter is dan :   120 mm. : 3,14 = 38,2 mm.

Het frezen van de zuilen.

Gestart ben ik met een rechte groeffrees van 8 mm. Hiermee heb ik eerst tot op de juiste diepte een groef gefreesd. Vervolgens heb ik vanaf de bodem van de groef met een 45 graden frees het hout aan beide zijden naast de groef schuin weggenomen. Met een ronde frees heb ik hierna in verschillende freesgangen nog meer hout weggenomen totdat ik de uiteindelijke vorm ongeveer benadert had. Met de juiste frezen was het misschien wel mogelijk geweest om de torsen helemaal te frezen, maar aangezien ik deze niet had restte me nu nog een hoop handwerk.  Ondanks dit heeft het frezen me toch een hele hoop tijd bespaart.

De laatste fase was fysiek de zwaarste. Met de hand moest nu met rasp en schuurpapier de tors in model gemaakt en afgewerkt worden. Raspen en grof schuren is met stilstaande draaibank gedaan en de verdere schuurgangen met langzaam lopende draaibank.

De tors gereed, geschuurd tot en met korrel 400.

Klaar.

Voor deze klus had ik mijn vakantie een paar dagen uitgesteld. Na een paar dagen intensief hieraan gewerkt te hebben, heb ik de deur van mijn werkplaats dichtgetrokken en ben lekker op vakantie gegaan.

 
Terug naar de inhoud | Terug naar het hoofdmenu